Uit het dagboek van een mama: “Samen is soms teveel”

Mick doet een middagslaapje, Levi speelt buiten met een vriendje en Stan is naar een klus. Rust. Ik plof op mijn favoriete plekje op de bank en heb de puf niet om op te staan. De kruimels die vragen om een stofzuiger, de afwasmachine die piept dat hij uitgeruimd kan worden en vuile kleren die liggen te rieken in de wasmand. Ik kan ze momenteel volledig negeren. Voor even dan, want ik weet dat ik later vandaag op standje turbo door het huis heen ga en baal dat ik deze taken ook eerder op de dag had kunnen doen. Maar dat is voor later.

De stilte doet me goed. Even niks, gewoon even geen geluid. Ik hou veel van mijn mannen, maar soms is het ook te intens om zo samen met z’n allen in huis te zijn. Drie mannen. Drie, waarvan er twee energie voor tien hebben. Een energie die soms onuitputtelijk lijkt te zijn en niet te stoppen. Kleine, vrolijke wervelwinden die elkaar goed weten te vinden om samen verder te gaan. Heel handig op sommige momenten, maar soms vooral ook heel vermoeiend. Want die energie die zij hebben, die heb ik niet altijd.

Prikkels in overvloed

Ik hou ook van gekke dansjes doen in de kamer en een rondje ‘de vloer is lava’. De zoete inval waar wij om bekend staan en de vele kopjes thee of glazen wijn die ik mag schenken vind ik zó ontzettend gezellig. Ik ben trots als Levi een vriendje mee naar huis neemt: “Kom maar jongens, gezellig dat jullie er zijn”. Maar soms is hun energie me te veel. Hun energie kan mij helemaal leegtrekken, zeker als dagen zijn waar mijn energielevel al lager is dan ik eigenlijk zou willen.

Continu geluid, continu bewegingen, speelgoed wat valt en met gejuich opnieuw wordt opgebouwd. Mijn gevoeligheid kan deze prikkels soms niet hendelen. Vaak wel voor even, maar na langere tijd werken mijn figuurlijke oordoppen die meer. Ik voel de energie weg stromen, ik voel mijn geduld kleiner worden. Ik wil niet boos worden of in ieder geval niet onaardiger doen dan ze verdiend hebben. De afspeellijst van juf Roos die me even teveel wordt. “Mam, wil je een appel voor mij schillen?”. De bal – die eigenlijk niet eens binnenshuis mag zijn – die door de kamer heen stuitert en mij per ongeluk hard raakt, is de druppel. Ik kom op het punt dat ik eigenlijk wil schreeuwen: “NU EVEN NIET”.
Het voelt als een overvol restaurant met een slechte akoestiek, knoertharde muziek en teveel geroezemoes. Het lukt me steeds minder goed om het gesprek aan tafel te volgen en het liplezen wordt me te vermoeiend. Ik volg het niet. Ik trek het niet. Het wordt me teveel. Mag ik even weg? Dat gevoel. Mag ik even wat stilte, ruimte en rust? Alleen ALSTUBLIEFT?

De andere kant van de wervelwind

Maar ik wil ook niet de mopperende moeder zijn van wie niks mag. Ik wil ook niet de chagrijn zijn die haar kind geen ruimte geeft. Ik wil dat mijn kroost mij herinnert als een energie, gezellige mama. Zonder gemopper, zonder uitbarstingen en zonder energietekort.
Mijn jongens zijn soms wildebrassen en niet te stoppen. Ze hebben het leuk samen en er is eigenlijk geen letterlijk gevaar. Behalve die mama. Als het emmertje bijna vol is, wordt zij wel een beetje gevaarlijk. Die mama die haar best doet haar innerlijke rust te bewaren. En te bewaken. Maar beide is het lastig. Heel lastig met twee jongens die continu aan staan en gaan met die banaan.

Ik vind ze leuk die twee. Heel leuk zelfs. Maar oh, oh, oh… wat ben ik blij als ik ook even mijn moment heb. Mijn moment van niks. Mijn moment van dat ik weet dat ik straks baal dat ik geen drol heb uitgevoerd. Lummeltijd. Mijmeren. Tijd om even te doen wat ik nodig heb, al is dat vaak even niks doen. Even energie opdoen om straks weer de energetische strijd met die twee draken aan te gaan. Want dat wat zij hebben, heb ik niet en dat verschil blijft soms een dingetje.

Heel rustig en zacht praten. Extra lief doen. Diep ademhalen. Een knuffel geven. Ding voor ding en even geen multitasken zoals wij mama’s eigenlijk de gehele dag doen. Het helpt me om me te richten op dat wat ik moet doen en de stuiterende gevoelens in mijn hoofd niet de controle over mezelf te laten verliezen. De muziek even uit, de bal even op de kast. “Hier heb je je geschilde appel liefje, eet smakelijk”. Ik ga ernaast zitten en ik kijk ernaar. Hap voor hap, met een extra diepe zucht.

Even opladen to the rescue

Samen is fijn. Ik houd van gezelligheid. Ik houd van mensen om mij heen. Deze huismus kan goed alleen zijn. Maar het komt altijd aan op die fucking balans. Balans van gezelligheid & drukte en de balans van rust nemen als gevoelig persoon. Het ene alleen zijn is niet het andere alleen zijn. Tijd voor mezelf heb ik nodig, maar eenzaamheid is mijn grootste angst. Het ene samen zijn is niet het andere samen zijn. Samen borrelen in de tuin of samen in de huiskamer op een regenachtige dag. Hetzelfde, maar ook zo verschillend. Ik kan genieten van mijn spelende jongens, maar doe ook een vreugdedansje als papa voorstelt een rondje met ze te gaan fietsen.

Ik heb oplaadtijd nodig. Rust. Stilte. Even niks. De introverte ik wordt hier blij van. Even geen prikkels, geen zintuigen die (onbewust) op scherp hoeven te staan. Een kopje thee, een boek of een goede podcast. Gewoon even doen wat ik wil doen zonder rekening te houden met anderen of een peuter aan mijn been die jammerend “tillen tillen” blijft herhalen. Luisteren naar mijn eigen behoeften en gevoelens, in plaats van altijd maar anderen te voorzien.
Mijn ademhaling zakt, een yoga nidra sessie of een meditatie is het beste medicijn. Het cortisolgehalte even laten zakken. En in die rust en stilte verdwijnt de overprikkeling als sneeuw voor de zon.

Samen is soms even teveel. Voor even dan.

Liefs, Marjolijn

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.